Het verhaal van Willy

Het verhaal van Willy

Binnen een fractie van een seconde werd het leven van Willy van de Valk uit Boekel op 21 mei 2017 – hij was net een paar maanden eerder 60 jaar oud geworden – volledig overhoop gehaald. Tot dat moment was Willy een gezonde en sportieve ondernemer, eigenaar van een eenmans-bouwbedrijf, gelukkig getrouwd met Agnes en vader van inmiddels volwassen kinderen.

Door de week een hardwerkende timmerman wiens witte bedrijfsbus een bekend verschijnsel in en rond Boekel was en in het weekend een fanatiek mountainbiker die veel van zijn vrije tijd met zijn fietsmaten doorbracht op de regionale mtb-routes. Mountainbiken was Willy zijn lust en zijn leven, er ging geen zondag voorbij of hij ging op pad en als het even kon ook nog op doordeweekse avonden.

Zo ook op die bewuste 21e mei, een mooie zondagochtend waarop Willy met een 8-tal Boekelse mountainbikers een ronde maakte over de mooie mtb-routes in natuurgebied De Maashorst, bij Uden. Zoals altijd ging het er fanatiek aan toe, en Willy reed – zoals gewoonlijk – met de snelsten van het groepje mee. De route liep over een onverharde weg waaraan zich een paar woningen bevonden en toen het op een gegeven moment leek alsof er een auto vanuit de inrit van één van die huizen kwam, werd er vooraan afgeremd. Willy zag dat te laat, kneep iets te bruusk in zijn voorrem en sloeg met een geweldige klap over de kop. Hij landde vol op zijn hoofd, zijn fietshelm barstte door de klap doormidden en Willy bleef stil liggen. De rest van de groep schrok natuurlijk enorm en keerde direct om. Omdat Willy wel bij bewustzijn was, dachten zijn maten aanvankelijk dat de lichamelijke schade misschien mee zou vallen maar als snel sloeg die hoop helemaal om toen Willy aangaf geen gevoel in zijn onderlichaam te hebben. Meteen werd 112 gebeld en toen daar direct de ernst van de zaak bleek, werd een ambulance én de traumahelikopter gestuurd. De toegesnelde hulpdiensten bevestigden direct dat er waarschijnlijk sprake was één of meerdere gebroken nekwerkwervel(s) en Willy werd met grote spoed naar het Radboud ziekenhuis in Nijmegen gebracht. Ondertussen hadden de fietsmaten Agnes al gewaarschuwd die ook meteen naar Nijmegen kwam.

In het Radboud ziekenhuis werd meteen een MRI-scan gemaakt en dat was, volgens Willy, een verschrikkelijke ervaring. “Het lijkt wel of je in een betonmolen ligt, zoveel herrie hoor je. Je ligt alleen in een soort tunnel, het lijkt uren te duren en ondertussen gaan er allerlei gedachten door je hoofd: hoe erg is het, kan ik nog wel ooit lopen, hoe moet het met mijn bedrijf?”. Helaas kwamen Willy’s grootste angsten uit; de scan toonde aan dat de schade aanzienlijk was. Wervel C6 was verbrijzeld, C2 gebroken en C3, C4 en C5 beschadigd. Het gevolg van de nekbreuk was een dwarslaesie: een onderbreking van de zenuwbanen die door de ruggenmerg lopen met een verlamming tot gevolg.

Besloten werd om een ‘halo-frame’ te plaatsen, dat is een borstharnas met daarboven een constructie van metalen pennen die een metalen kroon rondom het hoofd vast fixeren. Die kroon wordt met schroeven in de schedel vastgezet en door die constructie kan het hoofd dan helemaal niet bewegen.   Dat frame diende 12 weken te blijven zitten om de breuken in de nekwervels te laten genezen. Ondertussen was Willy overgeplaatst naar de Sint Maartenkliniek, immers dé autoriteit in Nederland als het gaat om revalidatie na o.a. een dwarslaesie.

Na 12 weken waren de breuken in de wervels genezen maar de verlamming van het lichaam – vanaf de borst naar beneden –  was blijvend, dat was meteen na de scan door de artsen al duidelijk gemaakt. Het gevoel onder borsthoogte was volledig weg, zo ook in een deel van de armen en vingers. Hooguit zou er nog wat verbetering te boeken zijn via een zwaar en intensief revalidatie-traject. Willy kon namelijk zijn armen nog wel bewegen hoewel de motoriek van zijn handen minimaal was maar dat was iets waar nog winst te behalen kon zijn.

Vanaf dat moment moest er van alles gebeuren. Willy zelf belandde in een lang en zwaar revalidatie-traject om zoveel mogelijk lichaamsfuncties – met name in armen en handen – te activeren en verbeteren. Daarnaast moesten er ook in de bedrijfswoning van Willy en Agnes veel aanpassingen gedaan worden. Slapen op de bovenverdieping was uiteraard niet meer mogelijk en omdat Willy op een rolstoel aangewezen was moesten deuren en drempels aangepast worden. Op de benedenverdieping moest een slaapkamer en een douche- en wasruimte komen waar ook ruimte was voor een til-lift. Veel werk dus waar ook nog eens ontzettend veel kosten mee gemoeid waren. Gelukkig beschikken Willy en Agnes over veel vrienden met technische vaardigheden dus hulp was volop aanwezig. Maar dan nog kostten al die aanpassingen handenvol geld, geld dat Willy en Agnes met jarenlang hard werken bijeen hadden gespaard voor hun oudedags-voorziening. Als ondernemer moet je namelijk zelf je pensioen opbouwen om later niet enkel op een AOW-inkomen aangewezen te zijn. En behalve dat door het ongeval van Willy zijn bouwbedrijf meteen stilviel en er dus ook geen inkomsten meer waren, moest nu al hun spaargeld in de aanpassingen van de woning worden gestopt. Een verzekering die deze financiële klap opving was er immers niet, die was voor een eenmansbedrijfje als dat van Willy niet te betalen geweest.

Maar ondanks alle tegenslagen en zorgen stortten Willy en Agnes zich vol op de revalidatie van Willy. Onvermoeibaar deed Willy zijn oefeningen; hij trainde net zo hard en fanatiek als eerder met het mountainbiken. Opgeven was geen optie en bochtjes afsnijden ook niet. Vol gas er tegen aan en proberen verbetering tot stand te brengen, dat was het motto. En al die inspanningen betaalden zich terug. De motoriek in zijn handen die na het ongeval grotendeels weg was wist Willy met veel pijn en moeite deels weer terug te winnen. Hij leerde op die manier steeds meer handelingen zelf weer uit te kunnen voeren. Ogenschijnlijk simpele dingen als zelf een koffiekopje pakken, drinken, een mobiele telefoon bedienen waren eerst niet mogelijk maar nu weer wel.

Daarvoor waren – naast alle oefeningen thuis – wel ontelbare sessies in de Sint Maartenskliniek nodig. En dus ook veel autoritten van Agnes met Willy van Boekel naar Nijmegen en weer terug. Dat alles was ook voor Agnes een enorme belasting. Twee jaar vóór het ongeval van Willy had Agnes namelijk een hersenbloeding én herseninfarct gehad met een zwaar revalidatietraject tot gevolg. Gelukkig is ze daarvan grotendeels weer hersteld maar ze lijdt nog steeds aan een chronische vermoeidheid en heeft onder andere moeite met autorijden, vooral in het donker. De vele autoritten met Willy waren voor haar dan ook een grote belasting en vaak moest daarvoor hulp van vrienden en familie ingeroepen worden.

Een volgende, belangrijke, doel voor Willy is dan ook om weer zelf te kunnen autorijden, ook om Agnes daarmee te kunnen ontlasten. Van lotgenoten in de Sint Maartenskliniek had hij al meegekregen dat er tegenwoordig heel veel technische aanpassingen in auto’s kunnen worden gedaan zodat ook mensen met een dwarslaesie zelfstandig auto kunnen rijden. Nu Willy min of meer het maximale had gehaald uit zijn revalidatie-traject was het dus zaak geworden om te onderzoeken of autorijden ook weer mogelijk zou zijn. Enige tijd geleden heeft hij een proefrit gemaakt met een busje dat aangepast was op de beperkingen die Willy heeft. En dat is nog niet zo eenvoudig als je je benen niet kunt bewegen en je armen en handen slechts beperkt. Zo’n aangepast voertuig moet dus zijn voorzien van een stuurknop aan het stuur, gas geven moet dan met de elleboog gebeuren en remmen met de hand. Voor het bedienen van richtingaanwijzers, verlichting en dergelijke moeten voorzieningen in de hoofdsteun worden gemaakt zodat dat met het hoofd kan worden gedaan. Ook moet het voertuig worden aangepast voor rolstoelvervoer met o.a. een elektrische achterklep en een rolstoellift. Technisch is dat echter allemaal mogelijk waardoor Willy dus in staat zou zijn om weer zelfstandig auto te kunnen rijden. Dat kan echter niet met de huidige gezinsauto; een Vito-busje uit 2003 waar Willy en Agnes al 15 jaar mee rondrijden. Om de droom van weer zelf kunnen autorijden – en Agnes daarin dus te kunnen ontlasten – waar te kunnen maken moet er dus een geschikte bestelbus worden aangeschaft waarna er nog voor tienduizenden euro’s aan aanpassingen moeten worden gedaan door een gespecialiseerd bedrijf. Dat geld hebben Willy en Agnes echter niet meer na alle kosten die ze al hebben moeten maken voor het aanpassen van hun huis. Hun hoop is nu dus gericht op de gulheid van mensen – vrienden, familie, kennissen maar ook onbekenden met het hart op de juiste plaats – die belangeloos een bijdrage willen leveren om Willy weer te kunnen laten autorijden. Fietsvrienden van Willy hebben nu het initiatief genomen om voor dit doel een ‘crowdfunding’ op te zetten. Daartoe is de stichting ‘Willy Wil Vooruit’ in het leven geroepen en door middel van die stichting worden nu acties bedacht en gestart om hopelijk voldoende geld bijeen te krijgen om een aangepast voertuig te kunnen aanschaffen.

Op 13 juni 2019 nam Willy – na maanden trainen – met een team van de St.Maartenskliniek deel aan de HandbikeBattle. Dit is een sportieve handbike-wedstrijd in Oostenrijk tussen handbiketeams van verschillende revalidatiecentra. Met een handbike fietsend 21 km de Kaunertaler Gletscher op, vele haarspeldbochten en een stijgingspercentage tot 12%. Het team werd 2e en Willy werd – in zijn categorie – individueel 4e !